



Ik zeg nooit ‘nee’ tegen een wereldwonder.
Toen ik voor het eerste hoorde dat The Jordan Trail van Travelbase zou afsluiten met een bezoek aan Petra – en dat na 5 dagen puffen, zweten en genieten – sloeg m’n hart een slag over. De gedachte dat ik zo’n avontuur mocht afsluiten met een uitgebreide ontdekking van een wereldwonder? Magisch.
Zo begon mijn verkenning van deze kolossale site. Want ja: Petra is véél meer dan alleen The Treasury. Het is een onderzoek naar het leven van de Nabateeërs, aan wie we deze plek te danken hebben. Een dag (of twee) vol verwondering. Een wereld vol rotsen, kleuren en verhalen…
Ga je zelf op pad in Petra – met The Jordan Trail of helemaal zelfstandig – en wil je deze betoverende plek zo goed mogelijk leren kennen? Dan is deze gids voor jou.
Ik geef je de essentiële info om het meeste uit je bezoek te halen: hoe je er geraakt, hoeveel tijd je écht nodig hebt, wanneer je best start, hoe tickets werken (en wanneer de Jordan Pass wél of niet interessant is) én wat je zeker niet mag missen.
Dit is een complete reisgids voor Petra, het nieuwe wereldwonder van Jordanië.


Voor je vertrekt: Petra
Wat: Een eeuwenoude verlaten stad in Jordanië.
Waarom?: Behoort tot de 7 nieuwe wereldwonderen!
Prijs: Toegangstickets vanaf 50 JD!
Meer lezen?: Alles over The Jordan Trail, met al eindbestemming Petra.
Wat is Petra, het wereldwonder?
Eerst en vooral, verlaag je verwachtingen.
Vergeet alles wat je voordien over de bijzondere plek gelezen of gezien hebt.
En laat het verlangen om te rushen links liggen. Want Petra heeft tijd nodig om tot zijn volste recht te komen.
Zodra je door de ingang wandelt; beeld je dan in dat je in een andere wereld bent terechtgekomen. Een wereld zo’n 3000 jaar geleden, waar nog niets in de sterren geschreven staat, en waar alles nog te bepalen valt. Een schone lei, als het ware. Want dat is exact wat Petra nodig heeft.
Je bent een vreemde in dit land. Je volgt een smal pad door de rotsen – de Siq – en hoort ergens in de verte het geluid van paardenhoeven, stemmen, misschien zelfs muziek. De rotswanden sluiten zich als een soort zandstenen tunnel om je heen. Op sommige plekken zie je nog de oude waterkanalen die in de rots zijn gekerfd. Oude herinneringen, want de gedachte dat hier ooit leven kon groeien en bloeien, lijkt wel een verwaterde droom.
Dat is misschien wel het strafste aan Petra: dat hier, in een ogenschijnlijk dor en vijandig landschap, een wereldstad kon floreren. Een plek waar handelsroutes uit Arabië, de Middellandse Zee, Egypte en zelfs de Zijderoute elkaar kruisten. Koren, wierook, specerijen, stoffen, metalen; alles moest door Petra. En wie de doorgang controleerde, controleerde de inkomsten.


De Nabateeërs – het volk achter Petra – waren meesters in watermanagement, handel en architectuur. In plaats van grote bouwwerken op de rots te zetten, kozen ze ervoor hun tempels, tombes en gevels in de rots uit te hollen. (Klinkt als gekkenwerk als je ’t mij vraagt…) De beroemde Treasury en het Monastery zijn letterlijk van boven naar beneden uit de berg gekerfd. Alsof iemand een gigantische zandstenen taart heeft uitgesneden en er een perfect versierde gevel in achterliet.
Terwijl je rondwandelt, zie je overal hun nalatenschap: tempels, tombes, trappen, kolommen, oude straten en restanten van een theaters en markten. Maar ook de kleuren zijn pure kunst: rood, roze, oranje, geel, soms bijna paars. Het licht verandert alles; in de ochtend lijkt Petra zacht en pastel, tegen zonsondergang branden de rotsen bijna oranje.
En dan is er nog het mysterie: een groot deel van Petra ligt nog steeds onder het zand. Archeologen schatten dat tot 85% van de site nog niet is opgegraven. Je wandelt dus letterlijk bovenop een verborgen stad. Het originele Nabateese naam voor de stad was Raqmu, maar de Grieken noemden haar Petra – “rots”. En na één dag hier begrijp je meteen waarom.




Hoeveel tijd heb je nodig in Petra?
Je leest overal dat “één dag Petra onmogelijk is”. En ik ben het daar… half mee eens.
Heb je genoeg aan één dag?
Ja, als je:
- vroeg start (liefst rond 6–7 uur),
- goed doorstapt,
- en vooral focust op de “klassiekers”: de Siq, Treasury, Street of Facades, Colonnaded Street en de klim naar het Monastery.
Tijdens mijn bezoek (de laatste dag van The Jordan Trail) wandelde ik in totaal zo’n 15 km. Dat klinkt veel, maar het tempo ligt niet continu hoog. Je stopt vaak om te kijken, foto’s te maken, wat te drinken, een uitzicht op je te laten inwerken. Met een volle dag heb je dus écht tijd om de meeste highlights mee te pikken, zónder dat je jezelf kapot loopt.
Wanneer zijn twee dagen beter?
- Als je niet houdt van 10+ km wandelen op één dag.
- Als je graag extra trails doet of viewpoints opzoekt.
- Als je midden op de dag liever een siësta houdt in je hotel en vooral ’s ochtends en late namiddag op ontdekking gaat.
- Als je graag rustig foto’s maakt op meerdere momenten van de dag (ander licht = andere Petra).
In dat geval is een 2-daags ticket ideaal: het kost maar een paar dinar meer dan een dagticket, maar geeft je véél meer flexibiliteit.
Drie dagen?
Alleen interessant als je:
- écht into geschiedenis/archeologie bent, of
- meerdere langere hikes in het gebied rond Petra wilt doen
Voor de meeste reizigers is 1 volle dag voldoende, 2 dagen perfect, 3 dagen enkel voor de echte Petra-nerds – op de liefste manier bedoeld.


Tickets & prijzen voor Petra: wat moet je weten?
Een bezoek aan Petra is niet goedkoop, maar eerlijk: dat verwacht je ook niet van een wereldwonder dat bijna bovenaan ieders bucketlist staat. Gelukkig zijn de verschillende tickets verrassend logisch opgebouwd.
De prijs hangt vooral af van hoeveel tijd je binnen wilt doorbrengen. Wie slechts één dag plant, betaalt 50 dinar (ongeveer 60 euro). Wie twee dagen wil rondwandelen, betaalt vijf dinar extra. En wie drie dagen wil gaan, voegt daar opnieuw vijf dinar bovenop. In de praktijk betekent dat dus dat het verschil tussen één en twee dagen verwaarloosbaar is, en dat je met twee dagen eigenlijk veel meer flexibiliteit krijgt zonder opvallend meer te betalen. Kinderen onder de twaalf komen er trouwens gratis in.
De echte vraag is dus niet wat je betaalt, maar welke formule je kiest. Veel reizigers denken vooraf dat één dag voldoende is, maar veranderen onderweg van gedachten: de hitte valt wat zwaarder uit dan verwacht, of je wilt nog één trail meepikken, of je merkt dat Petra in de ochtend een totaal andere sfeer heeft dan in de late namiddag. Daarom is dat ticket van twee dagen vaak de slimste keuze.
Dan is er nog de Jordan Pass, een soort alles-in-één ticket dat je visumkost wegneemt en meteen toegang geeft tot tientallen bezienswaardigheden, waaronder Petra. Die pass is vooral interessant voor wie minstens drie nachten in Jordanië blijft en dus meer gepland heeft dan enkel een bezoek aan Petra. In dat geval betaal je je visum niet apart en komt de prijs van de pass vaak lager uit dan de optelsom van visum + Petra-ticket + alle andere sites. Bovendien kan je de Jordan Pass vooraf online kopen, waardoor je aan de ingang van Petra meteen door kan wandelen naar de scanpoortjes. Dat lijkt onbelangrijk, maar geloof me: om zes uur ’s ochtends in een rij staan is niet bepaald magisch. De prijs van een Jordan Pass start aan 70 dinar afhankelijk van welke formule je neemt.
Tickets koop je ofwel via de Jordan Pass (de enige manier om online vooraf te kopen), ofwel aan het Visitor Centre in Wadi Musa. Daar gaat de balie rond zes uur ’s ochtends open, al kunnen er wachtrijen staan, zeker in het hoogseizoen. Betalen kan cash of met kaart, maar bij kaart komt er een kleine toeslag bovenop. Je paspoort meenemen is slim, want soms vragen ze ernaar.








Wadi Musa als uitvalsbasis van Petra
Alle wegen leiden naar… Wadi Musi. In Jordanië althans.
Wie Petra wil bezoeken, komt vroeg of laat in Wadi Musa terecht. Het is het moderne stadje dat letterlijk tegen de ingang van de archeologische site aanleunt. Je vindt er alles wat je onderweg nodig hebt: hotels in alle prijsklassen, kleine winkels, restaurants, taxi’s, shuttles en supermarkten. Het is misschien niet het mooiste stadje van Jordanië, maar wel het meest praktische. Alles draait er rond dat ene wereldwonder dat net achter de heuvels schuilt.
Er zijn geen officiële accommodaties binnen Petra zelf; slapen tussen de tombes klinkt romantisch, maar zou de site geen goed doen. Daarom verblijven alle bezoekers in Wadi Musa. Veel hotels liggen verspreid over de heuvels rond de ingang, waardoor een wandeling naar beneden of terug naar boven soms best pittig kan zijn. Als je graag écht vroeg start (en dus rond zes à zeven uur al door de Siq wilt wandelen) kies je het best een hotel zo dicht mogelijk bij de ingang. Dat maakt het verschil tussen een ontspannen begin of een halfuurtje zweten voordat je überhaupt binnen bent.
Zelf kwam ik er aan via The Jordan Trail, waardoor mijn overnachtingen al vastlagen. (Dit was ons hotel.) Maar mocht ik ooit terugkeren – en dat plan ligt al half klaar – dan kies ik zonder twijfel opnieuw voor een hotel vlak bij de ingang. Het gemak van zo vroeg mogelijk binnengaan en dat eerste uur bijna alleen door de Siq wandelen, is gewoon onbetaalbaar. vast – maar als ik terugga, kies ik sowieso weer één nacht dicht bij de ingang om zo vroeg mogelijk te kunnen starten.




Hoe laat start je best?
Dit is misschien wel mijn belangrijkste tip (en ik heb het al vaker vermeld in deze reisgids): Ga zo vroeg mogelijk. Echt.
Petra opent rond 6:00. Als je dan al klaarstaat bij de ingang, heb je:
- Meer schaduw tijdens de wandeling door de Siq.
- Minder mensen bij de Treasury (het populairste punt).
- Een veel rustigere start van je dag.
Vanaf 10:00 – 11:00 komen de bussen uit Amman, de Dead Sea en Aqaba toe. Dan wordt het merkbaar drukker en voel je dat je in één van de populairste attracties van het Midden-Oosten staat. Het is en blijft de grootste trekpleister van Jordanië, dus daar kan je helaas niet omheen.




Dierenwelzijn & donkeys in Petra
Je zal het snel merken. Ezels die mensen naar het Monastery brengen, paarden met koetsen in de Siq, en kamelen die klaarstaan voor foto’s met de zoveelste bezoeker die in een tourist trap valt.
Ik snap perfect dat het verleidelijk klinkt om “even” op een ezel naar boven te gaan of een koets te nemen – zeker als je moe bent. Maar eerlijk? Het dierenwelzijn in Petra staat niet op pijl, althans zeker niet hoe wij het gewend zijn. De dieren worden met veel te veel gewicht belast, zijn uitgeput van de inspanning + de hitte, en hebben verschillende wondes van de harnassen die in hu huid snijden.
Donkeys kunnen maar een beperkt gewicht veilig dragen. Voeg daar hitte, steile trappen en lange dagen aan toe, en je voelt meteen: dit klopt niet helemaal.
Mijn persoonlijke keuze (en advies): Ga niet op de ezels of in de koetsen. Maak desnoods wel een praatje slaan met de eigenaars, ga iets drinken bij hun kraampje, of koop een kleine souvenir kopen als je iets moois ziet. Zo steun je het inkomen van de locals, zonder de dieren extra te belasten.
Zie je een dier dat er écht slecht aan toe is? Meld het dan meteen aan de medewerkers bij de ingang. (En voor zij die graag een discussie aangaan: er iets van zeggen kan ook. Ik kon me persoonlijk ook niet inhouden toen ik de ezels zag lijden… Met z’n allen kunnen maken we misschien een verschil!)






De beste manier om Petra te bezoeken? The Jordan Trail met Travelbase!
Je kan Petra perfect zelfstandig bezoeken met een huurauto, een hotel in Wadi Musa en een vroeg startuur. Maar als ik eerlijk ben: mijn favoriete manier om Petra te beleven, was via The Jordan Trail met Travelbase. Of course.
Niet omdat het “handiger” is aangezien je niets zelf hoeft te regelen (al helpt dat ook), maar omdat Petra dan niet zomaar een losse dagtrip is. Het wordt de grande finale van een heel avontuur.
Vijf dagen lang wandel je door canyons, over bergkammen en door stille woestijnvalleien. Je slaapt in tenten onder een belachelijk heldere sterrenhemel, drinkt thee met Bedoeïenen, en leert Jordanië kennen op een tempo dat niet in een klassieke roadtrip past. En dan, op de laatste dag, loop je plots een wereldwonder binnen.
Petra is in dat geval niet je startpunt, maar je eindpunt. Geen “we rijden even tot aan de parking, doen de highlights en zijn weer weg”, maar een beloning van jewelste. Een laatste hoofdstuk van een verhaal dat je al dagen aan het schrijven bent met je voeten, je zweet en kleine momenten onderweg.


Waarom ik fan ben van Petra via The Jordan Trail
Je arriveert met context:
Na dagen onderweg te zijn geweest, voelt Petra veel minder als een losstaand icoon, en veel meer als een plek in een groter landschap. Je hebt al bergen gezien, dorre valleien, kleine dorpjes, … Het is niet zo maar de highlight van je trip naar Jordanië, maar behoort tot een groter geheel. Een liefde voor het land waarbij de vonk al enkele dagen eerder oversloeg.
Minder logistieke stress:
Je hoeft niet na te denken over: hoe geraak ik in Wadi Musa, waar parkeer ik, hoeveel tijd moet ik voorzien, welke route wandel ik? Travelbase regelt de grote lijnen van de planning, jij moet gewoonweg beleven & genieten.
Je bent al ‘ingewandeld’:
Petra vraagt best wat kilometers. Als je er binnenkomt na een paar dagen wandelen, is je lichaam dat tempo al gewend. Die 15 km op een dag voelen dan vooral als “nog één keer alles eruit halen”.
Je deelt de wow-momenten:
De eerste blik op de Monastery zodra je uit de bergpas wandelt vergeet ik NOOIT… Het zijn van die momenten die nóg sterker zijn als je ze deelt met mensen met wie je al vijf dagen in het stof hebt gelopen. (En eerlijk, je voelt je gewoon beter dan die ééndagstoeristen…)
Benieuwd naar mijn avontuur met The Jordan Trail? Hier lees je alles over mijn 6-daagse trektocht door Jordanië met Travelbase!

